Tabak van de industrie

Tabak van de industrie

Vrijheid koppelen aan roken. Dat is het grootste succes van de tabaksindustrie. Zij heeft een verslaving verkocht als een illusie van vrijheid.

De stoere Marlboro-man was hierbij een krachtig symbool. Deze rokende cowboy werd het belangrijkste reclame-icoon van de vorige eeuw. En geen Marlboro-man, zonder ‘Marlboro-country’. Het Wilde Westen van Marlboro staat voor de onontdekte ‘frontier’: een ongereguleerd grensgebied, op de rand van ‘beschaving’. Hier leek vrijheid nog mogelijk, en roken werd een manier om dat te ervaren.

Maar in de praktijk zijn frontiers minder romantisch. 90 procent van de tabak wordt verbouwd in ontwikkelingsgebieden. Vaak met gebrekkige regulering of handhaving. Hier zijn de échte ‘frontiers’ van de tabaksindustrie:

In zestien landen wordt kinderarbeid ingezet. In China worden landbouwgrond en water voor tabaksproductie gebruikt, terwijl er sprake is van ondervoeding en watertekort.
5 procent van de ontbossing in Azië en Afrika komt door de tabaksindustrie.

Advocate Bénédicte Ficq ziet de tabaksindustrie als criminele organisatie. En klaagt deze aan voor het bewust verslaafd en ziek maken van mensen. De World Health Organization pleit voor een tabaksprijs waar de milieuschade in terugkomt. Goede stappen. Want het echte verhaal van de tabaksindustrie gaat niet over vrijheid, maar vrij misbruik.

Meer lezen

Tabaksproducenten op zwarte lijst VN
Tabak ook ongezond voor het milieu
De aangifte tegen de tabaksindustrie
Boek ‘Friction’: een etnografie over globalisering en frontiers.

Meer kijken

Ficq klaagt tabaksindustrie aan
Of schrijf je in voor onze nieuwsbrief