Geef ze niets van katoen

Katoen is de meest gebruikte stof in de kledingindustrie. Maar de productie ervan belast de aarde behoorlijk. De teelt en het verven van katoen slurpen enorme hoeveelheden water. Voor de productie van een spijkerbroek wordt zo’n 8000 liter water gebruikt en voor een T-shirt 2700 liter. En bij het verven worden vervuilende chemicaliën gebruikt. Katoen wordt voornamelijk in Azië en Amerika verbouwd, waardoor het vervoer ervan ook nog voor veel CO-uitstoot zorgt.

Wat is het alternatief? We kunnen natuurlijk wat minder kleding kopen en kiezen voor tweedehands spullen. Of voor maatpakken met statiegeld en voor kleding gemaakt van bamboe of linnen. Als je toch een katoenen T-shirt koopt, ga dan voor wit. Beige en turquoise katoen kost het meeste water. En voor spijkerbroeken geldt juist: hoe lichter de kleur, hoe meer water de productie gekost heeft.

De katoenindustrie werkt zelf ook aan verbetering. Better Cotton Initiative leert boeren hoe zij duurzaam katoen kunnen verbouwen. En ColorZen ontwikkelde een technologie die het verven van katoen duurzamer maakt: 95 procent minder chemicaliën, 90 procent minder water en 50 procent minder verf. In dit soort initiatieven moeten we investeren: bedrijven, politiek én burgers.

Meer lezen

Meer over Better Cotton Initiative
Meer over ColorZen
Verduurzaming van de katoenindustrie

Of schrijf je in voor onze nieuwsbrief