Minder biodiversiteit betekent: meer allergieën

Het aantal kinderen met een allergie neemt toe. Net als het bewijs dat de omgeving hier een grote rol in speelt. Concreet blijkt: hoe meer en diverser de natuur in je directe omgeving, hoe kleiner de kans op een allergie. Biodiversiteit is dus van direct belang voor je gezondheid.

Onderzoekers hebben dit niet alleen bij mensen getest, maar ook bij dieren. Honden in steden ontwikkelen, net als hun baasjes, meer allergieën dan hun soortgenoten in natuurrijke omgevingen. Muizen in een ‘schone’ leefomgeving hebben een zwakker immuunsysteem dan muizen die holletjes in de aarde maken. Fysiek contact met aarde verrijkt de microbiota in en op het lichaam, wat positief is voor de gezondheid. 

In het vraagstuk over ‘nature’ (aanleg) versus ‘nurture’ (omgeving), blijkt ‘nurture’ dus van grote invloed op allergieën. In een brede zin: het belang dat wij aan natuur hechten, en de politieke en economische keuzes die daaruit voortvloeien, hebben invloed op je gezondheid.

Jammer genoeg is beleid voor de ‘volksgezondheid’ te veel gericht op symptoombestrijding bij individuën. Kom je met een allergie bij de dokter, dan krijg je een recept voor pillen. Deze symptoombestrijding lucht op, maar lost niet op. 

Willen we allergieën voorkomen, dan moet natuur de ruimte krijgen. Elke diagnose is een pleidooi voor meer biodiversiteit.

Meer lezen

Klimaat en biodiversiteit: twee problemen, één oplossing
Groene daken voor een biodiverse stad
Regenwoud: melkkoe of rechtspersoon?

Of schrijf je in voor onze nieuwsbrief